Vlak voor het WK voetbal 2010

De laatste belangrijke feitjes voor de aftrap

 

Door TobSport redactieteam voor TobSport.nl

Gepost op: 02-06-2010.

 

 

In dit artikel:

 

  • TobSport’s Grote Vijf (!) van Oranje stelen de show
  • Cursus Afrikaans voor beginners: verzameling voetbaltermen

 

 

Vorige maand voorzagen we u van een voorspelling voor en een terugblik op de aanloop naar het WK voetbal 2010 in Zuid-Afrika. Ook politieke en maatschappelijke thema’s kwamen daarbij aan bod. De wereldvoetbalbond FIFA krijgt kritiek van alle kanten voor haar keuze voor het Afrikaanse land als organisator van het WK voetbal.

 

Lees hier het WK 2010-artikel “Oranje en het WK 2010 in Zuid-Afrika: Mondiaal voetbalfeest of Afrikaanse deceptie?”

 

In ons artikel las u over bavianen, Zwitserse banken die het verloop van het WK voorspellen en onze mening over wie er moeten spelen in het Nederlands Elftal. Niet geheel toevallig sloot deze mening naadloos aan bij de duidelijk geventileerde mening over de opstelling van de beste spelers van Oranje: de Grote Vier.

 

Volgens TobSport mogen deze vier veel ‘input’ geven over de te volgen speelwijze, zodat ze zich zeer verantwoordelijk voelen voor het eindresultaat. Ze zullen hun beste beentje voorzetten en daarmee Oranje de grootst mogelijke kans bieden op het behalen van een wereldkampioenschap in de voetbalsport.

 

 

Grote Vier? Nee, Grote Vijf!

 

In Afrika spreekt men over de Grote Vijf, als men het heeft over de meest toonaansprekende diersoorten op het continent (de Buffel, de Leeuw, het Luipaard, de Olifant en de Neushoorn). Deze diersoorten waren de ultieme jachttrofeeën, omdat ze het moeilijkst te schieten zouden zijn. Of om in voetbaltermen te blijven: “het lastigst te controleren”.

 

Als we voor Nederland een ‘grote vijf’ zouden moeten definiëren zou het super-kwartet (Sneijder, Van Persie, Van der Vaart en Robben) uitgebreid moeten worden met dan wel Mark van Bommel, maar misschien zelfs al met Gregory ‘Blackcard Greg’ van der Wiel. Nemen we echter de Afrikaanse Grote Vijf en hun karaktereigenschappen als leidraad, dan  dienen zich een andere Grote Vijf van het Nederlands Elftal aan.

 

Als deze karaktertrekken van de Afrikaanse dieren ervoor zorgen dat zij de steppen kunnen domineren en helpen om zelfs de mens schrik aan te jagen in de jungle, dan zijn ze zeker ook zeer geschikt als de gewenste eigenschappen van de bepalende spelers in het Nederlands Elftal. De krachten van de natuur, natuurlijke selectie en evolutie mogen natuurlijk nooit onderschat worden! Ze leveren een mooie blauwdruk op voor een alternatief lijstje met bepalende spelers. Waarin enkele ‘vaste waarden’ ineens ontbreken…

 

 

De ‘Grote Vijf’ van het Nederlands Elftal:

 

1.                  De Buffel: Nigel de Jong

 

Heeft u nog een verklaring nodig?! Nigel toonde zich in de aanloop naar het WK de ultieme schoffelaar, tevens gezegend met een enorme longinhoud. De oud-Ajacied is gebouwd als een tank en heeft die onverzettelijke blik van een buffel die tussen de krokodillen door de andere kant van de oever probeert te bereiken. Hopelijk denkt hij iets langer na voor het inzetten van een charge, dan een buffel die haar jong probeert te beschermen. Tegen de U.S.A. liet hij zich weer volkomen gaan met een harde tackle op de middellijn.

 

2.                  De Leeuw: Robin van Persie

 

De ultieme rover die altijd op het juiste moment toeslaat. Gezegend met een uitstekende jachttechniek, waardoor hij zelfs na een vervelende blessure direct weer vecht om te overleven. Van Persie heeft slechts ‘een halve kans’ nodig en met zijn grote bek over het spelen met de Grote Vier om in de eerstvolgende wedstrijd twee keer subliem te scoren (tegen Mexico) is hij met recht ‘de Koning der dieren’. Van Persie overmeestert op beestachtige wijze zijn prooi en is voor de duvel niet bang.

 

3.                  Het Luipaard: Arjen Robben

 

Arjen Robben is de flitsende rechtsbuiten van het Nederlands Elftal. Die op topsnelheid verdedigers laat staan alsof het zoutzakken zijn. Maar is Robben daarom juist geen jachtluipaard? Zowel het luipaard als het jachtluipaard (cheetah) besteedt het grootste deel van de dag aan luieren. Het (jacht)luipaard in een boom of het hoge gras, Robben op een hotelkamer, met een Playstation. Of met spelletjes kaart met andere dieren. En veel slapen. Om in de wedstrijd op de juiste momenten toe te slaan, waarbij alle gekanaliseerde energie in zeer korte spurts wordt losgelaten op verdedigers die alleen maar kunnen toekijken.

 

4.                  De Olifant: Mark van Bommel

 

Mark van Bommel is de olifant van het gezelschap. Een redelijk gemoedelijk karakter buiten het veld of bij de olifant: als er weinig aan het handje is. Binnen het veld of wanneer spanning dreigt zijn de olifant en Van Bommel echter ongemeen scherp, gefocused en efficient. Beiden zijn bovendien door ervaring en relatief hoge leeftijd schrander en wijs. Beiden hebben overzicht over de vlakten. Beiden zijn eigenlijk onaantastbaar onder collega’s. Geen dier valt de olifant zomaar aan en geen speler kan wedijveren met het aantal prijzen dat Mark van Bommel al wist te winnen. En met het verstrijken van de jaren lijkt hij alleen maar beter te gaan spelen.

 

5.                  De Neushoorn: ?

 

Nog een dier dat de steppen beheerst en met rust gelaten wordt door andere dieren. Rustig indien hij niet bedreigd wordt, maar absoluut recht-door-zee en met een kort lontje wanneer hij in het nauw gedreven wordt. Een dier dat zich door geen dier iets laat wijsmaken. Net zo standvastig als onze bondscoach. Bert van Marwijk is en was als flankspeler natuurlijk geen stormram als de neushoorn, maar Bert is er niet de man naar om zich ook maar op enigerlei wijze de kaas van het brood te laten eten. De belangrijkste stormrammen uit de selectie van het Nederlands Elftal hebben hierboven hun titel al gekregen, maar ook Van Bommel en De Jong kwamen in aanmerking voor een vergelijking met dit dier.

 

 

Cursus Afrikaanse voetbaltermen voor beginners

 

Aan het Afrikaans als taal hangt een vervelend (maar zeer terecht) stigma. Zeker voor ons Nederlanders. Het Afrikaans zorgde ervoor dat het bekendste Nederlandse woord ter wereld het woord ‘Apartheid’ is. De opgedrongen taal van de indringers deed bepaalde inheemse talen zelfs verdwijnen in de loop van de geschiedenis. Even een bruggetje naar andere invalshoek: het herkennen van de evolutionaire verschillen van gelijksoortige diersoorten die zich ontwikkelden in verschillende, afgesloten biotopen is natuurlijk fascinerend.

 

Probeer u even in te leven in de heer Darwin, die de meest vreemde dierenfamilies ontdekt op de eilanden van de Galapagos. Ook een taal is een levend ‘iets’: een constant veranderende serie (on)geschreven communicatieregels. Het Afrikaans werd geïntroduceerd door de Boeren uit Zuid-Afrika, die afkomstig waren uit Nederland. Lang was deze taal de taal van de onderdrukker. Hun ‘Nederlands’ ontwikkelde zich los van onze eigen taal, aan de andere kant van de wereld. Toch kunnen we elkaar nog steeds begrijpen.

 

Soms zelf beter dan de Vlamingen, die vlakbij ons wonen en toch soms ondertiteld en wel op de Nederlandse tv verschijnen. Jarenlang was een onvervalste Afrikaan daarentegen dagelijks te zien, prime-time op tv. Deze ambassadeur van de Afrikaanse taal mocht onvertaald zijn zegje doen in een van de meest populaire Nederlandse kinderprogramma’s ooit. Het gaat hier natuurlijk om de illustere Mister Maraboe uit de Fabeltjeskrant. Een lelijke loopvogel, met een grote snavel en een ‘overkam’ met pluishaar, maar met een hart van goud.

 

Ook als het gaat om het voetbal moeten we elkaar best kunnen begrijpen. Soms klinken daarbij de Afrikaanse versies van bepaalde termen ons erg grappig in de oren. Soms zijn ze verwarrend en soms zijn ze nauwelijks veranderd van de Nederlandse versies, in al die honderden jaren. Zou het niet vermakelijk zijn om eens Afrikaans commentaar bij een wedstrijd van Oranje op de buis te brengen? We durven de stadions niet te bezoeken, maar krijgen zo toch wat mee van de Zuid-Afrikaanse sfeer…

 

 

Enkele veelvoorkomende voetbaltermen in het Afrikaans:

 

Een pass geven: Aangee

Buitenspel: Onkant

Niet buitenspel: Aankant

Voetbal: Sokker

Trainer: Africhter

Tegenaanval: Teenaanval

Aftrap: Afskop

Tackle: Tekkel

Terug spelen: Agtertoe-aangee

Kwalificatie- of voorrondewedstrijd:

Topscorer: Baas-puntemaker

Uindunwedstrijd

Blessure: Besering

Libero: Veër

Hattrick: Driekuns

Asst.-scheidsrechter: Vlagman

Gelijkspel: Gelykopspel

Omhaal: Wawielkop

Puntertje: Kortskoppie

Winnaar: Wenner

 

(Bron: Holbox B.V.)

 

 

In zinsverband, als een voorbeeld van een mogelijke toekomstige samenvatting in een Zuid-Afrikaanse krant (opgesteld m.b.v. ‘Google vertalen’, probeer het eens te volgen):

 

Nederland speel sy eerste wedstryd op die wêreldkampioenskap op 14 Junie teen Denemarke. Al snel geweet die Hollanders te scoren. Met 'n kortskoppie tref Van Persie doel in die tiende minuut. Die Dene het die res van die wedstryd die nakijken.

 

Na 'n angee van Robben gemaak Van Persie sy tweede doel. Na enkele skerp tegenaanvallen in die tweede helfte van die Dene geweet Van Persie sy driekuns te voltooi. Daarmee is hy direk baas-puntemaker van die toernooi. Die volgende wedstryd speel Nederland teen Japan, op 19 Junie.”

 

 

Bronnen:

 

Holbox B.V. (http://www.holbox.nl)

Google vertalen: http://translate.google.nl

 

 

 

 

 

 

Reageer op dit artikel

 

Meer van deze schrijver