|
|
Voetbaltrainer: een hondenbaanOver schalen met bittergarnituur en het knippen van
gaten in het hek van een trainingsveld Door SIEMEN STAMSNIJDER, voor TobSport.nlGepost op:
01-04-2009. De lastigste baan ter wereld: voetbaltrainer. Het
opportunisme regeert in de voetballerij en de trainer golft mee op de
waan van de dag. Van de ene op de andere dag kan hij zomaar zonder werk
zitten. Toch is medelijden misplaatst, door de vette oprotpremies die worden
uitgedeeld. Daarbij komt dat er vaak een goede reden is voor het
grote aantal ontslagen: het gros van de trainers heeft een minimale
toegevoegde waarde. Ze maken spelers niet beter, maar maken enkel hier en
daar een afspraak over het gedrag en de positie op het veld en laten ze het
verder op instinct uitzoeken. Het doceren van het positiespel is heilig en het
verbeteren van de beslissingen, die een speler zelf maakt, in het veld, is
daarbij minder van belang. Er is onvoldoende aandacht voor het verfijnen van de
techniek om meer rendement te kunnen behalen. Spelers zouden op een bepaalde
leeftijd uitgeleerd zijn. Het nemen van verantwoordelijkheid in het veld door
de spelers wordt onvoldoende gestimuleerd. Coaches laten spelers liever om
pilonnen draven als hoofdzaak, terwijl ze het stratego van het internationale
topvoetbal vergeten. Mentale begeleiding van de spelers tot het bereiken van
topprestaties wordt gezien als een soort new-age gewauwel. Een ver-van-mijn-bed-show
voor de meeste trainers. Een grote naam alleen is geen garantie voor succes Juist de mannen binnen het
professionele trainersgilde, die het best in staat geacht mogen worden het
voetbalinstinct in goede banen te leiden, staan dit seizoen hevig onder vuur.
Bij Ajax krijgt Marco van Basten nogal eens het stempel van de totaal
onervaren coach. Terwijl hij juist de man is die een klasbak als Suarez de
laatste, finale tips zou kunnen geven. Over hoe te passeren, temporiseren of
het 16-metergebied binnen te vallen. Zonder nadruk op ‘vallen’. Bij FC Utrecht werd Willem van Hanegem ontslagen vanwege het vermeende ontbreken van managementkwaliteiten. Hij verdween met de staart tussen de benen door een gat in het hek van het trainingsveld. Dat gat was daar geknipt op verzoek van Willem door een terreinknecht. Direct achter het gat stond de bolide van Van Hanegem geparkeerd, zodat hij snel kon vertrekken en de pers kon ontlopen. Willem zag er niet goed uit als het gaat om zijn rol bij het buitenwerken van de gehele technische staf, behalve hemzelf. Het zat hem dan ook niet lekker en hij gooide vervolgens zijn kont in de krib en noemde zijn werkgever een “duikboot”. Maar Willem was juist wel de man, die een zeer modaal elftal beter kon laten spelen en spelers boven zichzelf uit kon laten stijgen. Beide heren kunnen over de belangrijke details in het voetbal onderwijzen, omdat ze het inzicht zelf verworven hebben door het zelf mee te maken. Ze waren topspelers. Met de juiste mensen om zich heen, die hun zwakten camouflereren, kunnen ze een elftal beter maken. Dat vraagt om een gedegen organisatie van diverse managementtaken, met de juiste personen op de juiste plekken en een goede begeleiding en controle. En juist op het vlak van de begeleiding van de hoofdtrainer valt er nog het nodige te verbeteren bij Utrecht en Ajax. Bij Ajax is wel verbetering zichtbaar. Marco van Basten lijkt recent te ontdooien naar zijn spelers toe. Hij zal het voortaan wel uit zijn hoofd laten ze in de pers te fileren na slechte prestaties. Wellicht leveren de volgende 32 miljoen die hij spendeert ook sneller rendement op. Bij Utrecht lijkt men de les echter nog niet geleerd te hebben. Na het ontslaan van een complete trainersstaf was er nu weer een welles-nietes-spelletje met Gert Kruys, die verwachtte assistent-trainer te kunnen worden. Goede resultaten zijn geen garantie voor een welwillende spelersgroep Huub Stevens bij PSV en Gertjan Verbeek bij Feyenoord beten zich stuk op een onwillige spelersselectie. Ze wilden veranderingen doorvoeren, maar knalden op een muur van negativiteit. Om hun baan te behouden moesten ze concessies doen aan zichzelf. En dan gaat het geheid een keer mis. Het handhaven van de trainer is onmogelijk en een assistent neemt het over. Zowel bij Utrecht, PSV als Feyenoord presteren de selecties niet noemenswaardig beter na het ontslag van de coach. Conclusie: een trainer heeft nog maar weinig invloed op het presteren van zijn team. Dat is maar voor enkelen weggelegd. De topspelers van vandaag dragen I-Pod’s tijdens de wedstrijdbesprekingen en twitteren vanaf het trainingsveld. Ze denken alleen nog aan grote bergen geld en waar dat te halen is en clubliefde is hen vreemd. Niet de makkelijkste sporters om mee te werken dus. Gelukkig zijn er nog voorbeelden van trainers, die het wel lukt om een connectie te maken met de patatgeneratie 2.0. Guus Hiddink liet al na korte
tijd zien dat hij een topsportklimaat kan scheppen bij Chelsea. Maar ook hij
kende zijn nederlagen in het verleden in de relatie met spelers. Denk maar
eens aan Edgar Davids in het Nederlands Elftal. Leo Beenhakker komt terug uit
Polen en zal vanaf moment 1 een kenmerkende en allesverzengende warmte
uitstralen over alles wat maar met Feyenoord te maken heeft. Zij het niet
meer als trainer. Die taak is volgend seizoen weggelegd voor Mario Been. Been is een prettige no
nonsense-guy en bovendien als voormalig topspeler al twee seizoenen
succesvol als trainer met beperkt materiaal bij N.E.C. Feyenoord zal zich volgend(e)
seizoen(en) ook moeten behelpen met minder materiaal (minder geld) en dus was
de tijd bij N.E.C. een perfecte leerschool voor Been. Een andere bewezen
klasbak is Louis Van Gaal. Hij speelt twee van de laatste drie seizoenen de
sterren van de hemel met een traditionele subtopper uit Nederland. Van Gaal
was zelf geen topspeler. Maar wel een onderwijzer, een man die het spel ziet
(doordat hij zelf niet snel was) en een man die een topsportklimaat kan
scheppen. Hij volhardde in zijn visie,
door niet op te stappen, vorig seizoen toen het slecht ging. En hij had een
voorzitter die het vertrouwen bleef houden en hem liet zitten. Buitenlanders
als Benitez, Wenger en Ferguson laten zien dat ze geloven in hun
voetbalvisie. Ze volharden, ook in de moeilijke jaren en oogsten daardoor
keer op keer. Maar ze krijgen daartoe ook de kans, door zich niet druk te
hoeven maken over ontslag, na een zeperd. Een mooi voorbeeld van een rots in
de branding in de Eredivisie is Ron Jans, die de tijd kreeg om Groningen neer
te zetten en nu een prima team heeft staan. Trainers
bedienen zichzelf ook van verwerpelijk gedrag
Een coach als Wiljan Vloet
(ex-Sparta, ex-Groningen, ex-Roda) staat meer bekend om zijn personificatie
van een heuse brulaap, dan om zijn leidinggevende, invoelende en
onderwijzende talenten. Een man als Foeke Booy krijgt een contract als TD bij
Utrecht en zeikt alvast z’n huidige ex-club volledig af in de media. Een aap
als Ronald Koeman zag een trein, die maar 1 keer in het leven voorbij zou
komen naar Valencia en zit nu met de gebakken peren thuis. Bij al zijn clubs
(Vitesse, Ajax, PSV) kocht hij veel overbetaalde mislukkelingen in,
omdat hij zichzelf ziet als een ‘prijzencoach voor de korte termijn’. Volledig bewust dat hij clubs
achterlaat met problemen op de lange termijn met duurbetaalde tribuneklanten
(Alleen al bij Ajax: Soetaers, Machlas, Anastasiou, Charisteas, Sonck etc.).
Koeman lijkt me echter wel een vrij goede trainer. Misschien komt dat door
het feit dat hij topspeler was, dat hij niet volledig onklaar gemaakt wordt
door zijn korte-termijndenken. Echte prutsers zijn mannen als Andries Jonker,
die makker Fonsie Groenendijk naar voren duwt als coach bij Willem II om hem
te vervangen, als de prestaties even tegenzitten (Lees: Frank Demouge
vergeet hoe hij moet scoren). Eerder nam hij als assistent
schaamteloos de plek van zijn buddy Dennis van der Zee over in
Tilburg. Coach Ernie Brandts tilde NAC naar een hoger niveau en mocht als
bedankje verdwijnen. Mazzeltje voor voorzitter Mommers in Breda, dat
vervanger Robert Maaskant het ook goed doet. Een andere prutser is de
Belgische Nederlander Harm van Veldhoven, die als schoothondje van Nol
Hendriks Raymond Atteveld opvolgde. Hij is een echte conspiracy-denker.
De KNVB wil Roda in de Eerste Divisie hebben en heeft de wedstrijdarbitrage
als middel gekozen om dat te verwezenlijken. Volgens Van Veldhoven. Dat zijn
spelers ondertussen Atteveld graag terug zouden zien als coach moet hem
volledig ontgaan zijn. Van Veldhoven beklaagd zich ook in België over de
Nederlandse sportpers. Programma’s als Studio Voetbal van de NOS en Voetbal
International van RTL fileren de coach op barbaarse wijze, volgens hem.
Beter concentreert de coach zich op de beste opstelling, met zijn selectie
met voldoende talent voor een plaats in de subtop van de Eredivisie. Dit jaar
is het echter degradatievoetbal wat de klok slaat in Kerkrade. Geen droombaan, maar een
hondenbaan Het lijkt een mooie baan:
voetbaltrainer in de Eredivisie. Een goed betaalde baan. Maar je naam wordt
zo door het slijk gehaald als de waan van de dag zich tegen je keert. Als de
verwende patatgeneratie 2.0-kids besluiten hun kont in de krib te gooien en
het verder te verrekken. Daar zit je dan met je mooie plannen en je
wedstrijd- en spelfilosofie. Je spelers doen waar ze zelf zin in hebben in
het veld en proberen zich persoonlijk te profileren. Met incoherent spel en
boze fans met witte zakdoekjes ten gevolg. Mensen die je het verminkte
lichaam van je eigen huisdier in een geschenkverpakking sturen. Je bent babysitter voor een
groep opgroeiende tieners, die zo snel mogelijk naar warmere oorden willen
verkassen. Je colleges zijn aan dovemansoren gericht en je kunt je team niet
zo lang bij elkaar houden, dat je kunt profiteren van de automatismen in het
spel, die zo broodnodig zijn om het supersnelle tempo van het internationale
topvoetbal te kunnen volgen. Als een bezetene probeer je je positie te
behouden. Ook al weet je zelf dondersgoed, dat je geen enkele invloed meer
hebt op de prestaties van je elftal in het veld. Een onzekere baan,
voetbaltrainer. En een overgewaardeerde. Succescoach Ernst Happel had meestal
weinig diepzinnigere opmerkingen dan: “Niet loellen, gewoon fussballen!” (in
Oostenrijks accent). Maar daarmee schepte hij wel een sfeer. En hij zette de
toon qua discipline. En daarmee behaalde hij succes. Een hedendaagse
voetbaltrainer is niet meer dan een goede of minder goede sfeerbepaler.
Slechts een handjevol trainers kunnen een speler nog op de ambachtelijke
wijze ‘beter maken’. Daarbij geloof ik in bondscoach
Bert van Marwijk, die het huidige Nederlandse Elftal volledig indoctrineert
met het belang en de mogelijkheid van succes op het volgende WK 2010 in
Zuid-Afrika. Ook Bert is er een van het groepje bewezen professionals, die
het spel zien en om kunnen gaan met een groep mensen. Al in de kwalificatie
maakt hij het team duidelijk dat het als team moet functioneren. En daarbij
hoort ook je teleurstelling over een plaats op de bank snel verwerken en je
teamgenoten aanmoedigen. En dan knallen als je er toch nog in mag. Zoals
Wesley Sneijder heel goed begrepen lijkt te hebben, na enig mokken. Grand
Finale: onrust in het Noorden
De mooiste voorbeelden van
uitspattingen van en richting voetbaltrainers komen dit seizoen uit het
Noorden van het land. Cambuur-coach Stanley Menzo werd volgens zijn zeggen
racistisch bejegend in een wedstrijd in en tegen Emmen. Zijn collega vond het
nodig hem te vergelijken met onze voorganger volgens de theorie van Darwin.
Ondanks ondersteunende getuigenverklaringen werd FC Emmen-coach Paul Krabbe
niet veroordeeld voor een racistische uitlating. Krabbe kwam echter al eerder
in opspraak wegens racistische uitlatingen, toen tegen Willy Overtoom in een
oefenwedstrijd tegen Heracles. Ook toen werd hij echter niet veroordeeld. Het allermooiste voorbeeld van
de verwrongen omgangsvormen in de voetballerij dit seizoen komt uit de
provinciestad Zwolle. Coach Jan Everse werd daar ontslagen door het bestuur
na een escalatie na maanden van ergernissen over en weer. De escalatie kwam
als volgt tot stand: de zoon van een bestuurslid schoffeerde de vrouw van de
hoofdcoach door haar van haar plek te jagen tijdens de wedstrijd. Na de
wedstrijd werden Everse en zijn vrouw expres vergeten bij het rondgaan van
een schaal met bitterballen. Hij sprak dezelfde zoon van het bestuurslid die
met de schaal liep erop aan en schopte een scčne. Vervolgens schopte het
bestuur Everse eruit. De verklaring: de eigengereide
Everse had zich meerdere malen geen professional getoond, door niet te willen
verschijnen in een jas van een sponsor, door zijn auto fout te parkeren en
door het tapijt te bevuilen met modderige kicksen. Oh ja, hij nam ook nog de
telefoon op met: “Met de koning van Zwolle…” En oh ja, Everse liegt
dat het gedrukt staat volgens het bestuur. Het ging op het moment-suprčme
niet om een bittergarnituur, maar om een schaal met kaasblokjes. Het zal u
niet verbazen, dat ook het bestuur recentelijk maar besloot om op te stappen.
Zoveel onkunde, daar helpt zelfs een strategie van je-kop-in-het-zand-steken
om maar te kunnen blijven zitten niet tegen. Het publiek wil koppen zien
rollen en gaat over tot het uiten van bedreigingen. En staat vervolgens weer
vooraan te juichen bij de intocht van de volgende tussenpaus op het veld en
de overname van de macht door de volgende club baantjesgeile witte boorden in
het kantoor. Totdat ook die door de mand vallen en dan begint het hele spel
weer van voren af aan… ZUCHT!
Reageer
op dit artikel in het forum
|
|